Tim Verstrynge: “Een persoonlijk contactmoment werkt beter dan flyers of sociale media”
In de bib kun je je eerste stappen zetten in de digitale wereld. Een mooi voorbeeld? De samenwerking die de bib van Waregem heeft met cvo MIRAS om kwetsbare digistarters te bereiken én helpen. We zitten samen met de coördinator digitale inclusie van Bib Waregem om het te hebben over zijn vlotte samenwerking met het volwassenenonderwijs. Benieuwd naar de beste tips en inzichten van Tim Verstrynge? Lees dan zeker verder.
Kun je ons wat meer vertellen over jullie samenwerking met CVO Miras?
Tim: “De samenwerking is deels organisch gegroeid, maar kwam er ook door de Digibankensubsidie van de Vlaamse overheid. Die gaf ons een stevige impuls om met e-inclusie aan de slag te gaan.”
“In de praktijk bleek cvo MIRAS een ideale partner voor outreach: ze hebben een betrokken team en via hen bereiken we digistarters – mensen die pas beginnen werken met de computer of smartphone. Bij de start van elke nieuwe lesmodule geef ik een korte toelichting over ons digitale aanbod in Waregem. Daarna organiseren we een ‘mobiel digipunt’ in de klas, waarbij een vrijwilliger van onze bib een-op-een digitale hulp biedt. Het is bijna een proevertje: cursisten leren ons kennen, ervaren directe hulp, en komen nadien ook effectief naar onze reguliere digipunten in de stad. Zo’n persoonlijk contactmoment werkt veel beter dan flyers of sociale media, zeker bij wie digitaal minder vaardig is.”
“Sinds september 2023 ben ik verantwoordelijk voor e-inclusieprojecten in de bib van Waregem. Bijna fulltime werk ik op dit thema. Op zaterdag sta ik ook aan de balie. Ik vind het belangrijk om contact te houden met het publiek – daar voel je wat er écht leeft.”
Wat is de impact van deze aanpak?
“Na een eerste positief klasbezoek besloten we de samenwerking met cvo MIRAS structureel te maken. Via hen bereiken we een kwetsbare doelgroep met digitale drempels die we anders nooit zouden zien. Veel van deze mensen volgen inburgerings- of NT2-lessen en worden plots geconfronteerd met digitale drempels die hen belemmeren in hun traject. Een inburgeringsexamen moet bijvoorbeeld digitaal afgelegd worden, maar veel cursisten hebben thuis geen computer. Ook simpele taken zoals inloggen op het burgerprofiel of iets aanvragen via Itsme zijn vaak onmogelijk zonder hulp.”
“Dankzij de ‘proevertjes’ bij cvo MIRAS komen die mensen naar onze digipunten waar we hen helpen bij zulke concrete problemen. Bovendien nemen we druk weg bij de lesgevers van cvo MIRAS. Zij worden vaak geconfronteerd met digitale hulpvragen waarvoor zij niet zijn opgeleid. We vullen elkaar aan. Een mooie win-win!”
“Als ik het opnieuw zou doen, zou ik sneller persoonlijk contact zoeken met partners. Ons eerste gesprek met cvo MIRAS heeft alles in beweging gezet. Telefonisch of via mail blijft alles vaag. Zit je samen aan tafel, dan kun je dingen in beweging brengen.”
Wat is er nodig om dit als bib te realiseren?
“Het belangrijkste: een medewerker die zich met passie op dit thema stort. Iemand met digitale basiskennis, organisatorisch inzicht en de goesting om te netwerken en coördineren. Je hoeft geen IT’er te zijn, maar wel nieuwsgierig, kritisch en oplossingsgericht. Zonder een betrokken trekker lukt het niet.”
Hoe overtuig je het lokaal bestuur om zo’n werking te blijven ondersteunen?
“In Waregem kregen we een sterk mandaat om met e-inclusie aan de slag te gaan. Maar als eind juli 2026 de subsidielijn opdroogt, zal het ook hier een uitdaging zijn om de werking na juli 2026 te verduurzamen. Ons beleidsplan e-inclusie, dat ik samen met een collega schreef, is een belangrijke hefboom. Het beleidsplan beschrijft onze huidige praktijk als onderdeel van een bredere strategie. Dat helpt om de werking te verankeren, maar het is natuurlijk aan de politieke vertegenwoordigers om de prioriteiten te bepalen.”
“Mijn beste tip? Gebruik treffende metaforen. Ik leg digitale inclusie graag uit als verkeer: stel dat 50% van de bevolking de verkeersregels niet kent, dan zou elke gemeente dat met de hoogste prioriteit aanpakken. In het digitale verkeer is dat nu het geval: de helft van de mensen mist cruciale vaardigheden. Die vergelijking werkt. Het zet digitale inclusie op de kaart als een urgente maatschappelijke uitdaging. Stel ook de vraag: kunnen we het ons veroorloven om géén e-inclusieplan te hebben? Het antwoord is natuurlijk simpel: neen.”
Tot slot: wat is volgens jou de volgende stap naar meer digitale inclusie in de bib?
“Voor mij zit de kracht in blijven inzetten op twee dingen: digipunten en lesmomenten. De vragen veranderen, de technologie evolueert razendsnel, maar de basis blijft hetzelfde: persoonlijke ondersteuning en laagdrempelige leerkansen.”
“In dat opzicht is de bib voor mij dé uitgelezen plaats om aan digitale inclusie te werken. De bib is laagdrempelig, onafhankelijk en vertrouwd. Mensen komen hier al lang met allerlei leervragen. Digitale vragen horen daar vandaag bij. De bib is vaak het eerste en enige aanspreekpunt waar mensen écht geholpen worden. Al is het maar met een zinvolle doorverwijzing. Als bibliotheken kunnen we zo het verschil maken. Net daarom past e-inclusie perfect binnen onze opdracht.”
In vogelvlucht
-
Aantal inwoners: 40.000
-
Aantal VTE’s: 18
-
Context: veel scholen en KMO’s
-
Project: samenwerking met volwassenenonderwijs
-
Doelgroep: Digistarters
-
Looptijd project: Sinds 2023, structureel verankerd
-
Bereik: ± 1.000 unieke bezoekers via digipunten op 2 jaar tijd (bezoekers via volledige werking e-inclusie)
-
Partners: cvo MIRAS (hoofdpartner), Kringwinkel (Deltagroep), Avansa
-
Budget: personeelskost (1VTE), mogelijk gemaakt via het Digibankenproject