Sandra Vanneste: “Digitale inclusie is te belangrijk om versnipperd aan te pakken”
Een netwerk dat wérkt: onder de noemer Iedereen Digitaal Roeselare neemt kenniscentrum ARhus het voortouw om digitale inclusie in de stad strategisch aan te pakken. Samen met een breed netwerk, een gedragen charter en een reeks concrete acties slaagt de bib erin om digitale drempels structureel aan te pakken. Sandra Vanneste, projectcoördinator e-inclusie, licht toe hoe ze dat doen.
Waarom vind je het belangrijk om deze rol op te nemen als bib?
Sandra: “Met de subsidies van Iedereen Digitaal kreeg de stad Roeselare de kans om te investeren in digitale inclusie. De stad besloot die middelen toe te vertrouwen aan ARhus, omdat we al jarenlang ervaring hadden met Digie Cafés, infosessies, computerruimtes en andere laagdrempelige initiatieven. Bovendien zijn we een organisatie met een sterk netwerk. We waren de logische partner om een coördinerende rol op te nemen.”
“Wat we merkten, is dat er al heel wat initiatieven bestonden in Roeselare, maar dat ze versnipperd waren. Partners wisten vaak niet van elkaar waarmee ze bezig waren, en voor burgers was het onduidelijk waar ze terechtkonden. Daarom hebben we begin 2023 een beleidsgroep opgericht met 20 deelnemers uit diverse domeinen: van welzijn en zorg tot onderwijs. En natuurlijk de stad zelf.”
“We werkten hiervoor samen met een externe facilitator van de Karel de Grote Hogeschool, die ons begeleidde bij het uitwerken van een strategie en visietekst. Maar een document van 25 pagina’s wordt zelden gelezen, dus goten we de essentie in een krachtig en toegankelijk charter op A4-formaat. Ondertussen ondertekenden al 45 organisaties het charter. Daarnaast brachten we via bevragingen het bestaande aanbod in kaart en keken we samen met partners waar er nog hiaten zaten. Dat vertaalde zich in 37 acties onder vier duidelijke ambities: ‘internettoegang voor iedereen’, ‘hulp en opleidingen voor iedereen’, ‘digitaal inclusieve dienstverlening voor iedereen’ en ‘met z’n allen samen bouwen aan digitale inclusie’. Het blijft een work in progress, en we zijn altijd op zoek naar nieuwe partners die mee hun schouders onder onze acties willen zetten.”
“Tijdens onze partnernetwerkmomenten bevragen en informeren we niet enkel onze partners, maar zorgen we ook dat er nieuwe verbindingen gemaakt worden. Kennisdeling en kruisbestuiving dus, twee van onze stokpaardjes bij ARhus.”
Wat heb je als bib nodig om de rol van voortrekker succesvol waar te maken?
“Allereerst: het mandaat van het lokaal bestuur. Gelukkig hebben wij dat snel gekregen, samen met de nodige middelen. Medewerkers zijn daarbij het allerbelangrijkste. Ik werk voltijds op dit project, maar in een ideaal scenario hebben we twee VTE’s.”
“Naast tijd en middelen is het essentieel om te begrijpen wat er speelt op het terrein en bij de mensen met wie je samenwerkt. Je krijgt pas echt voeling met de praktijk als je achter je bureau vandaan komt en het gesprek aangaat – met burgers, lesgevers, vrijwilligers op de Digipunten en andere partners. Ik ben zelf actief betrokken bij de vrijwilligerswerking van de Digipunten en volg de vragen die daar binnenkomen nauwgezet op. Juist omdat ik van dichtbij zie wat er leeft, kan ik signalen doorgeven aan het beleid, zowel op lokaal als op Vlaams niveau. Die combinatie van regie en praktijk vind ik erg waardevol.”
Hoe bouw je draagvlak en samenwerking op?
“Van in het begin van het project hadden we een heel duidelijk doel: het aanbod van partners in kaart brengen en beter op elkaar afstemmen. Respect voor elkaars werk en rol waren daarbij cruciaal. Daarom gingen we met zoveel mogelijk potentiële partners praten en nodigden we hen uit voor de beleidsgroep en verschillende werkgroepen.”
“Twee keer per jaar organiseren we een netwerkmoment voor alle partners. Het begon met 35 aanwezigen in 2023, intussen zitten we aan 80 deelnemers per editie. De sfeer is warm, de betrokkenheid groot. Ook onze schepen is er telkens bij. Dat maakt een verschil: hij hoort wat er leeft en ziet het belang van ons werk.”
💡 Tip van Sandra
Durf op tafel kloppen. Vraag het mandaat en de middelen die je nodig hebt. En ga kijken bij wie al rond het thema werkt in jouw gemeente of stad: je hoeft het warme water niet opnieuw uit te vinden.
“Communicatie is daarnaast cruciaal – niet alleen richting burgers, maar ook naar intermediairs. Naast onze website maken we een gedrukte digibrochure met het volledige aanbod van alle partners. Die wordt huis-aan-huis verspreid onder alle Roeselarenaren en is ook fysiek beschikbaar op verschillende locaties. Voor mensen die minder digitaal vaardig zijn, blijft papier onmisbaar. Maar ook voor hulpverleners is het een handige tool om snel en gericht door te verwijzen.”
“We stemmen bovendien niet alleen lokaal af, maar ook met regionale en Vlaamse partners zoals DVV Midwest, Mediawijs en VVSG. Dat versterkt onze werking en zorgt voor kruisbestuiving met andere steden.”
Wat is de meerwaarde voor de bib om deze rol op te nemen?
“Voor mij is het vanzelfsprekend. Als bibliotheek ben je een laagdrempelige plek voor kennis, leren en informatievaardigheden. ‘Lezen’ in de brede zin van het woord. Digitale inclusie sluit daar perfect bij aan. Dankzij onze regierol nemen we ook een hedendaagse positie in als bib: we gaan actief aan de slag met maatschappelijke noden, spreken een breder publiek aan en versterken ons netwerk.”
“Door die helikopterview kunnen we collega’s beter informeren en burgers gerichter ondersteunen. We worden niet alleen een plek waar je leert, maar ook een schakel in een groter geheel. Dat opent de deur naar nieuwe samenwerkingen en versterkt de relevantie van de bib in de stad.”
Welke lessen heb je geleerd? Wat zou je andere bibs aanraden?
“Je hoeft het warme water niet opnieuw uit te vinden. Er zijn ongetwijfeld organisaties in je buurt die al met digitale inclusie bezig zijn. Werk met hen samen – zo bereik je ook meer doelgroepen. Ga ook te rade bij andere bibliotheken met ervaring, en kom gerust eens bij ons luisteren.”
“Een succesfactor bij ons was de externe ondersteuning van Karel de Grote Hogeschool. Dat kost geld, maar de onafhankelijke en wetenschappelijke blik hielp om de visie scherp te stellen en iedereen mee te krijgen.”
“Een laatste tip: zet woorden om in daden. Een charter over digitale inclusie helpt om bewustwording te creëren, maar het is minstens even belangrijk om regelmatig concrete acties te organiseren.”
Tot slot: wat is volgens jou de volgende stap naar meer digitale inclusie in de bib?
“Zelfpromotie. We mogen best wat minder bescheiden zijn. Bibliotheken doen veel op het vlak van digitale inclusie, maar we communiceren er te weinig over. Veel blijft onder de radar. Lokale overheden zijn niet op de hoogte van wat bibliotheken allemaal realiseren. Het resultaat? We moeten alsmaar meer doen met alsmaar minder middelen. Dat kan niet de bedoeling zijn. De volgende stap: onszelf meer verkopen en onze mooie initiatieven in de kijker zetten.”
In vogelvlucht
-
Aantal inwoners: 66.000
-
Aantal VTE: 40
-
Aantal bezoekers: 391.443 (2024)
-
Project: voortrekkersrol e-inclusie in Roeselare, op basis van een gedragen charter en actieplan
-
Doelgroep: brede bevolking, met extra aandacht voor kwetsbare groepen
-
Looptijd: sinds november 2022
-
Partners: 45 organisaties
-
Budget: Middelen voor personeelsinzet (1 VTE), communicatie en externe expertise via Iedereen Digitaal en Digibanken